|
Prentenboeken zijn boeken voor kinderen, zegt men. Ik zie dat anders. Een prentenboek is een boek voor kinderen van 0 tot 100 jaar, een boek voor mensen die jong zijn en voor hen die jong zijn gebleven. Als volwassene lees je een prentenboek anders dan een kind. Dat is begrijpelijk. Iedere volwassene kent door het leven bepaalde kwetsbaarheden en juist die kwetsbaarheden maken een mens ontvankelijk voor de schoonheid van een illustratie, de boodschap van een verhaal. Illustraties dragen een verhaal en maken een gevoel zichtbaar. En het is juist dat gevoel dat wij, volwassenen, aan onze kinderen kunnen doorgeven. Vergeet daarom nooit de kinderen tot 100 jaar! Klik op de foto voor meer informatie! De momenten in het leven van een kind die het nooit meer vergeet.
1 Opmerking
Onder leiding van Shamy Dror (Diergeneeskunde Universiteit van Wenen) is op grond van onderzoeken vastgesteld dat een hond woorden leert door te luisteren naar een gesprek tussen mensen. Een hond kan dus, zo blijkt, net als een anderhalf jarig kind nieuwe woorden leren door deze uit een gesprek op te pikken. Vooral Border Collies zijn uitstekende woordleerlingen. Stel: ik vertel aan een vriendin dat ik voor mijn hond Goos een nieuwe beer heb gekocht. Het is een bruine beer, dus ik heb hem Bruno gedoopt. De vriendin en ik kletsen nog wat door over Bruno totdat ik aan Goos vraag: haal je Bruno even? Denk je nu: ja, dat kunnen alleen Border Collies of heel erg slimme honden en mijn hond is geen Border Collie en ook geen Einstein, dus dat lukt niet. Toch wel: om woorden uit een gesprek te kunnen oppikken en dus te leren is het niet nodig dat jouw hond super slim is. Wel moet een hond kunnen beschikken over sociaal-cognitieve vaardigheden, dus het vermogen om de lichaamstaal van de mens en zijn bedoelingen te begrijpen. https://www.science.org/doi/10.1126/science.adq5474 (De illustratie is van Niek Schuil, uit "Blijf bij mij tot ik groter ben") "Zoals verwacht loopt alles anders" van Berthold Gunster is een feest om te lezen voor hen die een probleem ervaren en dit probleem vakkundig de nek willen omdraaiien door het te analyseren. Gunster maakt onderscheid tussen verwachtingen en verlangens enerzijds en tussen verwachtingen en feiten anderzijds. Eerst een voorbeeld van het verlangen van een vrouw die "jarenlang in haar eentje had geleefd" "naar een man op de bank en dan urenlang nexflixen": (wees gerust, op de honden kom ik zo) Gunster: dit is geen verlangen, maar een verwachting. Want enkel een man op je bank geeft je niks. Het is de verwachting dat een man op de bank aan een behoefte aan je geliefd, je veilig te voelen, je beschermd te weten, voldoet. (Het lijkt mij overigens wel verstandig om dit tijdig met de desbetreffende man te communiceren). Nu naar de honden: ik verwachtte dat mijn hond Goos vanaf het begin zonder enige aanwijzing ontspannen andere honden kon passeren (omdat mijn vorige hond dat kon). Goos voldeed niet aan die verwachting, dus had ik een probleem en Goos ook: een ontevreden baas. Allereerst: het gaat hier niet om een verwachting, maar om een verlangen: ontspannen aan de wandel kunnen zijn. Vervolgens: kan ik mijn verwachtingen bijstellen, dan accepteer ik dat ik continu op mijn hoede moet zijn en begraaf ik mijn verlangen. Wil ik dat niet, dan blijft er slechts de oplossing over: de feiten veranderen. Ervoor zorgen dat Goos een vreemde hond niet als prikkel ervaart. Dus: begrip, kennis, oefenen, geduld. Wil of kan ik ook dat niet, dan ben ik een ongelooflijke zeurkous omdat ik niet wil doen wat ik moet doen en ook niet kan willen wat het gevolg is: kortom, een onmogelijk mens. (De illustratie is van Niek Schuil en ontleend aan mijn boek "Blijf bij mij tot ik groter ben".) |
AuteurMathilde Hofkes heeft bekendheid verworven met haar boek "Blijf bij mij tot ik groter ben". In dit boek staat, zoals in alle latere boeken van haar hand, de band tussen mens en hond centraal. . Archieven
Maart 2026
Categorieën |


RSS-feed