|
Onder leiding van Shamy Dror (Diergeneeskunde Universiteit van Wenen) is op grond van onderzoeken vastgesteld dat een hond woorden leert door te luisteren naar een gesprek tussen mensen. Een hond kan dus, zo blijkt, net als een anderhalf jarig kind nieuwe woorden leren door deze uit een gesprek op te pikken. Vooral Border Collies zijn uitstekende woordleerlingen. Stel: ik vertel aan een vriendin dat ik voor mijn hond Goos een nieuwe beer heb gekocht. Het is een bruine beer, dus ik heb hem Bruno gedoopt. De vriendin en ik kletsen nog wat door over Bruno totdat ik aan Goos vraag: haal je Bruno even? Denk je nu: ja, dat kunnen alleen Border Collies of heel erg slimme honden en mijn hond is geen Border Collie en ook geen Einstein, dus dat lukt niet. Toch wel: om woorden uit een gesprek te kunnen oppikken en dus te leren is het niet nodig dat jouw hond super slim is. Wel moet een hond kunnen beschikken over sociaal-cognitieve vaardigheden, dus het vermogen om de lichaamstaal van de mens en zijn bedoelingen te begrijpen. https://www.science.org/doi/10.1126/science.adq5474 (De illustratie is van Niek Schuil, uit "Blijf bij mij tot ik groter ben")
0 Opmerkingen
"Zoals verwacht loopt alles anders" van Berthold Gunster is een feest om te lezen voor hen die een probleem ervaren en dit probleem vakkundig de nek willen omdraaiien door het te analyseren. Gunster maakt onderscheid tussen verwachtingen en verlangens enerzijds en tussen verwachtingen en feiten anderzijds. Eerst een voorbeeld van het verlangen van een vrouw die "jarenlang in haar eentje had geleefd" "naar een man op de bank en dan urenlang nexflixen": (wees gerust, op de honden kom ik zo) Gunster: dit is geen verlangen, maar een verwachting. Want enkel een man op je bank geeft je niks. Het is de verwachting dat een man op de bank aan een behoefte aan je geliefd, je veilig te voelen, je beschermd te weten, voldoet. (Het lijkt mij overigens wel verstandig om dit tijdig met de desbetreffende man te communiceren). Nu naar de honden: ik verwachtte dat mijn hond Goos vanaf het begin zonder enige aanwijzing ontspannen andere honden kon passeren (omdat mijn vorige hond dat kon). Goos voldeed niet aan die verwachting, dus had ik een probleem en Goos ook: een ontevreden baas. Allereerst: het gaat hier niet om een verwachting, maar om een verlangen: ontspannen aan de wandel kunnen zijn. Vervolgens: kan ik mijn verwachtingen bijstellen, dan accepteer ik dat ik continu op mijn hoede moet zijn en begraaf ik mijn verlangen. Wil ik dat niet, dan blijft er slechts de oplossing over: de feiten veranderen. Ervoor zorgen dat Goos een vreemde hond niet als prikkel ervaart. Dus: begrip, kennis, oefenen, geduld. Wil of kan ik ook dat niet, dan ben ik een ongelooflijke zeurkous omdat ik niet wil doen wat ik moet doen en ook niet kan willen wat het gevolg is: kortom, een onmogelijk mens. (De illustratie is van Niek Schuil en ontleend aan mijn boek "Blijf bij mij tot ik groter ben".) De illustratie is gemaakt door Niek Schuil en is ontleend aan mijn boek "Blijf bij mij tot ik groter ben".
Dit kan het begin zijn van een fantastische reis door een prachtig landschap.
Reflectie: wij ervaren, wij kijken terug, begrijpen en concluderen en dat alles leidt soms tot een ander gedrag.
De momenten waarop je niets zegt, niets doet, alleen voelt. Dat zijn de momenten waarop je de stilte en de rust met je hond kunt delen.
Boeken onderbreken je ritme doordat je de tekst wilt proeven. Honden onderbreken je ritme doordat zij vol geconcentreerd ruiken aan een enkel takje of blad. Maar ook hetgeen je wandelend tegenkomt doet je van bewondering stil staan. Het zijn de momenten van stil staan die je verder brengen. Prachtig geillustreerd door Raven Avana. Geschikt voor kinderen vanaf 10 jaar. Meer informatie op www.boekenhond.shop!
Zodra ik uit het bos kwam en de kloof was gepasseerd, zag ik een pad slingerend door de wei. Aan het einde lag een klein houten huis, een grote vlag ernaast. De Zwitserse vlag. Het uitzicht op de bergketen was schitterend, maar ik kon er niet van genieten. Het was die middag de derde keer dat ik over dit pad liep. Drie keer langs het groepje geiten en geen van de geiten kon mij vertellen waar jij bent. Iedere keer werd mijn hart zwaarder. Ach, hoe graag was ik gaan zitten bij de beek, had ik toegegeven aan mijn wanhoop. Ik miste jou, ik miste jou verschrikkelijk. Wij waren vanmorgen samen vertrokken. Wij hadden samen over het dal uitgekeken, daar bij het bankje. Jij lag aan mijn voeten. Moe en tevreden. En toen gebeurde het. Een man passeerde ons. Een man met een grote hond aan zijn zijde. Ik riep jou, één keer, twee keer. Je luisterde niet. Roepen had geen zin meer. Hopen op je terugkomst nog wel, maar hoe lang kon ik blijven hopen? Ik wachtte terwijl de nevels uit het dal steeds hoger stegen, mij omhulden, mij het zicht benamen. Waar was jij? Waar kon je zijn? Misschien via een andere route terug naar huis? Dat eerst maar proberen. Nu voor de derde keer terug over de kloof langs het bankje waar wij zaten toen we nog samen waren. Oh mijn hond! Nooit voelt een mens zich meer verloren dan wanneer hij zoekt, roept en hoopt op zijn hond, maar hem niet vindt. En dan, komend uit flarden nevels zie ik plotseling jou. Eerst niet meer dan een vaag beeld, maar toch herkenbaar uit duizenden honden, die ene hond. Jij! Je komt naar mij toe, niet gehaast, niet verbaasd mij daar te zien. Alles wat ik had willen zeggen, is overbodig. Geen woorden zijn nodig om duidelijk te maken wat ik voel. Samen lopen wij terug, terug naar huis. Samen. Heel zachtjes herhaal ik het woord. Je kijkt mij aan. Dan is ook dit woord niet meer nodig om te vertellen wat wij beide weten.
|
AuteurMathilde Hofkes heeft bekendheid verworven met haar boek "Blijf bij mij tot ik groter ben". In dit boek staat, zoals in alle latere boeken van haar hand, de band tussen mens en hond centraal. . Archieven
Januari 2026
Categorieën |






RSS-feed